In een handomdraai 3 versies van 1 workshop

oor iedere keer een andere werkvorm in je workshop te gebruiken, geef je toch steeds een ‘andere’ workshop. De basis blijft hetzelfde, toch creëer je voor jezelf afwisseling. En dat maakt het zo leuk om een workshop meerdere keren te geven!

Bij het woord werkvormen wordt vaak direct aan ingewikkelde en uitgebreide opdrachten gedacht. Maar je hoeft het jezelf niet zo moeilijk te maken. Een werkvorm is al anders als je een vraag gewoon in de groep stelt, of dat je deelnemers de vraag op papier geeft en laat beantwoorden.

Dat is precies wat ik heb gedaan bij de workshops Plan je training! die ik in een maand tijd maar liefst 3 keer heb gegeven op dezelfde locatie. De gastvrouw was alledrie de keren aanwezig en ook zij was verbaasd dat door zo’n eenvoudige en kleine verandering de workshop toch anders verliep.

1 vraag, 3 werkvormen

De vraag waar het bij dit voorbeeld om gaat is de volgende:

Over welk onderwerp wil jij een workshop geven?

Deze vraag heb ik dus bij alle drie de groepen op een andere manier gesteld, namelijk:

  1. Als vraag aan de hele groep
  2. Als vraag aan 1 persoon uit de groep
  3. Als vraag aan de hele groep, maar dan op papier.

Ik zal je uitleggen wat het verschil maakt en hoe dit uitpakte.

De werkvormen uitgelegd

Ad 1: een vraag aan de hele groep

Als je een vraag stelt aan de hele groep, is het altijd afwachten of iemand antwoord geeft. Anders nodig je iemand uit om antwoord te geven. Door de vraag wel eerst aan de hele groep te stellen, overval je niemand met je vraag. Iedereen hoort de vraag immers tegelijkertijd en krijgt evenveel bedenktijd.

Vervolgens bepaal jij (ligt ook aan de groepsgrootte) of je alle deelnemers de vraag laat beantwoorden of niet. Omdat ik de vraag vrij aan het begin van de workshop stelde, heb ik iedereen kort het woord gegeven. Op deze manier konden de deelnemers een soort van kennismaken met elkaar. Ze kregen zo een idee in welk vakgebied de andere deelnemers werkzaam zijn.

Ad 2: een vraag aan 1 persoon

Door de vraag gericht aan 1 persoon te stellen, overval je diegene misschien een beetje. Dit zorgt er echter wel voor, dat de andere deelnemers ook opletten. Want dan weten ze dat zij ook onverwacht een vraag kunnen krijgen. 

Als je steeds een vraag aan een andere deelnemer stelt, voelt iedereen zich gehoord en gezien. Dat is een groot voordeel als je de deelnemers persoonlijk aanspreekt. Op het moment dat jij in jouw workshop veel vragen wilt stellen, is het slim om steeds een andere deelnemer individueel te benaderen. Als je steeds alle deelnemers het woord geeft, heb je veel meer tijd nodig.

Ad 3: de vraag op papier aan de hele groep

Het leuke van deze manier is dat je deze ook weer op 2 manieren kunt invullen. Je kunt de standaard manier kiezen en iedereen een antwoord op laten schrijven. Vervolgens vraag je aan 1 of meerdere deelnemers om voor te lezen wat ze hebben opgeschreven. 

Je kunt dit wat spannender maken, door bv. briefjes uit te delen en daar het antwoord op te laten schrijven. Dat is wat ik heb gedaan. Vervolgens liet ik de briefjes opzij leggen. Pas ruim een uur later kwam ik er op terug met de vraag:

Wat heb je eerst opgeschreven en klopt dat nog, nu je allerlei nieuwe informatie hebt ontvangen?”

Op deze manier maak je de deelnemers nieuwsgierig naar wat je met die briefjes gaat doen. En je hebt voor jezelf een doel om naar toe te werken.

Samengevat:

Door een kleine en eenvoudige aanpassing in de werkvorm die je aanbiedt, kun je een workshop of training heel gemakkelijk veranderen en aantrekkelijk maken voor jezelf als trainer, maar zeker ook voor de deelnemers. Want bij iedere workshop worden wel vragen gesteld. Door dit steeds op een andere manier te doen, houd je het boeiend en aantrekkelijk voor de deelnemers. Dit zal er voor zorgen dat zij ook actief mee blijven doen.

Ga jij dit ook toepassen bij jouw eigen workshops? Ik kijk uit naar jouw reactie!